Kansspelautoriteit publiceert twee onderzoeken over zorgplicht van gokbedrijven
De Nederlandse Kansspelautoriteit heeft vorig jaar twee onderzoeken uitgevoerd die de zorgplicht van gokbedrijven in ons land onder de loep nemen. Nu heeft de toezichthouder de bevindingen uit dit onderzoek gepubliceerd en daarnaast ook een nieuw document onder de titel ‘guidance’. Daarin wordt aan de gereguleerde gokbedrijven verder uitgelegd hoe zij invulling moeten geven aan de zorgplicht richting spelers.
Deze bevindingen komen voort uit het onderzoek, maar ook uit het rondetafelgesprek dat al gevoerd werd met vergunninghouders. Eerder kwam al naar buiten dat de meeste gokbedrijven hun spelersbescherming aardig op orde hebben. Van de 26 gokbedrijven werden er met twee bedrijven afspraken gemaakt om de zorgplicht verder te verbeteren.
Zorgplicht van vergunninghouders in Nederland
Een Nederlandse vergunninghouder heeft een zorgplicht om gokkers bij zijn website of online casino’s te beschermen tegen problematisch gokgedrag. Het is misschien een wat vage term, maar houdt vooral in dat de casino’s het gedrag van spelers in de gaten houden en signaleren wanneer dit uit de hand loopt. Daarna moeten de casino’s ook stappen ondernemen en dit richting de speler uiten.
Een voorbeeld hiervan is dat de bedrijven een speler contacteren, en aangeven dat een inschrijving in het Cruks mogelijk een goede optie zou zijn. Enkele bedrijven deden dat al, maar konden vervolgens niet controleren of dit gebeurd was. Na een Cruks-advies besloten enkele bedrijven ook de speler te blokkeren van hun website.
Deze bescherming is niet voldoende, geeft de Kansspelautoriteit aan, een conclusie die ook de huidige staatssecretaris deelt. De Kansspelautoriteit wil dat er meer gedaan wordt om een marktbrede bescherming van spelers op te zetten. Een speler die bij één aanbieder geblokkeerd wordt, kan daarna net zo makkelijk weer bij een ander casino doorspelen.
Ook de nazorg die casino’s leveren aan gokverslaafden werd onderzocht. Hierbij gaven gokbedrijven vooral aan dat het lastig was om spelers te pakken te krijgen. Daarnaast ervoeren zij ook zelf een drempel om dit contact op te nemen. Zij waren juist bang dat contact tussen een speler en gokbedrijf kon zorgen voor een vervelende ervaring voor de speler, of zelfs de mogelijkheid dat deze opnieuw zou gaan gokken.
De Kansspelautoriteit had voor dit onderzoek ook contact met 21 ex-gokkers. Zij gaven aan dat dit soort gesprekken vooral erg confronterend waren. Toch vonden de ex-gokkers wel dat persoonlijk contact mogelijk meer effect heeft om het gedrag te veranderen. Zo zou het gokbedrijf beter duidelijk moeten maken hoe problematisch bepaald gokgedrag is, en zou er vaker doorverwezen moeten worden naar hulpverlening.
Post